Boek van de kou

Ik lees momenteel de bundel ‘Boek van de kou’ van de Spaanse dichter Antonio Gamoneda. Er zijn gedichten die je moet delen, en dit is er zo eentje:

Ik sta naakt voor roerloos water. Ik liet mijn kleren achter in de stilte van de
laatste takken

Dit was het lot:

de oeverrand bereiken en het kalme water vrezen.

Uit ‘Boek van de kou’, Antonio Gamoneda, vert. door Bart Vonck

Wat mij zo fascineert aan dit gedicht is de stilte ervan (roerloos, stille takken). Tegelijk zit er een enorme spanning tussen de oevers en de rivier, ik lees het als een symbolische voorstelling van het leven als onderbreking van de tijd. Het leven lijkt niet meer dan een kalme, roerloze onderbreking van de stilte, een stille onderbreking. Al is het onduidelijk in welk fase van het leven we ons bevinden (begin of einde?). Zulke paradoxen zijn eigen aan zijn poëzie. De naaktheid van het leven heeft iets kwetsbaar in eerste instantie, maar die kwetsbaarheid wordt in de laatste twee zinnen genuanceerd. Het geeft het hele gedicht, het leven en de dood een zachte kleur (het kalme water <-> vrezen). Het is een esthetisering van iets onbevattelijk. Het gebruik van een tegenwoordige en verleden tijd vergroot deze spanning. Ik vermoed dat dit gedicht wel minder hermetisch is dan de meeste gedichten uit zijn bundels. Vermoedelijk omdat de autobiografische elementen hier niet zo erg in spanning staan met de poëzie op zich.

Advertenties
Dit bericht is geplaatst in Nieuws.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s